Klachten / symptomen spanningshoofdpijn
- Het wordt vaak ervaren als een zeurende, drukkende of knellende pijn aan de zijkanten van het hoofd of voorhoofd.
- Soms wordt de pijn ook wel omschreven als een strakke band om het hoofd.
- Maar het kan ook een meer scherpe pijn of pijn aan één kant van het hoofd zijn, meestal van een lichte intensiteit.
- Bij tijden kan de pijn zo ernstig zijn dat het veel hinder en beperkingen geeft.
- U heeft geen last van misselijkheid of braken.
- Mogelijk kunt u niet tegen fel licht of harde geluiden.
- Naast hoofdpijn kunnen er ook psychosociale klachten zijn, die een wisselwerking hebben met de hoofdpijnklachten. Zoals angst, somberheid, vermoeidheid en stress.
Onderzoek en behandeling van spanningshoofdpijn
Onderzoek
Het maken van een CT-scan van de hersenen is niet noodzakelijk voor de diagnostiek of behandeling. Op de scan zal geen aantoonbare oorzaak te zien zijn.
Behandeling
De huisarts kan u helpen bij de behandeling van de spanningshoofdpijn. Een enkele keer zal de huisarts u doorverwijzen naar een hoofdpijncentrum, maar de behandeling is op beide plekken hetzelfde. Aan welke behandelingen kunt u denken?
Verbeter uw leefstijl
- Zorg voor voldoende slaap, ontspanning en rust.
- Zorg voor gezonde voeding zoals een regelmatig eetpatroon en gebruik niet te veel cafeïne en alcohol.
- Ook bewegen en een goede houding tijdens het werk zijn belangrijk. Een manueel therapeut of fysiotherapeut kan u ondersteunen.
Bespreek gevoelens van stress, angst en somberheid
- Praat erover binnen uw sociaal netwerk of met de huisarts.
- Deze gevoelens maken het moeilijker om met de hoofdpijn om te gaan.
Medicatie
- Wanneer langdurige leefstijlverbetering geen positief effect heeft op de hoofdpijnklachten, kunt u medicatie in een dagelijkse dosering proberen.
- Het gaat dan om medicijnen die vallen onder de anti-depressiva. Deze kunnen in een lagere dosering ook helpen de spanningshoofdpijn te verzachten. Opties zijn nortriptyline of amitriptyline.
- Na 6 weken kunt u het effect beoordelen en kan de huisarts de dosering zo nodig verhogen.
- Een behandeling van 3 tot 6 maanden is vaak voldoende, daarna kunt u het middel weer afbouwen.